fraude opgelicht nr 7 verschenen

Op 8 febrauri 2022 is de zevende ‘Fraude opgelicht’ nieuwsbrief verschenen. ‘Fraude opgelicht’ is een maandelijkse nieuwsbrief, waarin recente uitspraken over fraude kort worden opgelicht en met een wenk van een korte duiding worden voorzien. Aan de hand hiervan kunt u lezen hoe fraude wel of juist niet had moeten worden aangepakt. 

Indien u belangstelling heeft om deze nieuwsbrief per mail te ontvangen, stuur dan een mailtje naar info@paltheoberman.nl.

Lees hieronder één van de recente uitspraken die in de nieuwsbrief is besproken.

Heimelijk afluisteren gesprekken van werknemer leidt tot onrechtmatig verkregen bewijs.

Een werknemer die in dienst is van een garage, werkt aan een eigen auto die hij wil aanbieden aan een klant van de garage (werkgever). Wanneer de werknemer daarover met de klant telefonisch overlegt, luistert de werkgever dit telefoongesprek heimelijk af. In dit gesprek wordt duidelijk dat de werknemer in feite concurreert met zijn werkgever. Werknemer wordt op staande voet ontslagen.

Het ontslag op staande voet sneuvelt, omdat de kantonrechter het heimelijk afluisteren onrechtmatig vindt. Tijdens het heimelijk afluisteren was er nog geen concreet vermoeden dat werknemer vanuit het werk een concurrerende onderneming aan het starten was. Ook heeft de werkgever niet aangegeven welk belang hij had bij het heimelijk afluisteren. Het bewijs dat de werkgever met het afluisteren verkregen heeft is in strijd met de AVG en mag daarom niet meetellen. Er is sprake van onrechtmatig verkregen bewijs. Het argument van de werkgever dat het afluisteren bedoeld was voor het verbeteren van de werknemer, accepteert de rechter niet. Collega’s van werknemer werden immers ook niet afgeluisterd.

Wel wordt de arbeidsovereenkomst ontbonden wegens een verstoorde arbeidsverhouding en krijgt de werknemer een transitievergoeding en het loon over de opzegtermijn. Een billijke vergoeding wordt niet toegekend, omdat de werknemer wel duidelijk concurreerde en inmiddels een eigen bedrijfje in handel en opknappen van auto’s was begonnen.

Vindplaats: Kantonrechter Den Haag d.d. 11 januari 2022, ECLI:NL:RBDHA:2022:257


Wenk: Voor bewijs van een dringende reden geldt meestal dat de waarheid belangrijker wordt gevonden dan de uitsluiting van het bewijs. Als het verwijt aan een werknemer ernstig is, dan zal het bewijs hiervoor doorgaans worden toegelaten. Alleen in geval van bijkomende omstandigheden zal het bewijs kunnen worden uitgesloten, zoals in deze zaak waar de rechter vond dat heimelijk afluisteren de privacy van de werknemer onevenredig schond en de werkgever geen duidelijk belang en aanleiding had om werknemer heimelijk af te luisteren. Als door het afluisteren een strafbaar feit was geconstateerd, dan zou de uitkomst wel anders kunnen zijn geweest.

blog

Wilt u meer weten?

Alle advocaten van ons kantoor zijn gespecialiseerd in het arbeidsrecht. Wij hebben ruime ervaring met het geven van arbeidsrechtelijk advies en het oplossen van arbeidsrechtelijke conflicten.

Meer nieuws